Toscana

Deze regio is ongetwijfeld de bekendste wijnregio van Italië. Wie Toscana zegt, denkt aan wijn. En dan met name aan de Chianti die al decennia lang wordt geëxporteerd. In eerste instantie in grote hoeveelheden in de welbekende mandflessen, de 'fiaschi', maar later ook als kwaliteitswijn in de gewone 'bordeaux' fles met DOCG-etiket. Onder de geclassificeerde wijnen van heel Italië staat de Chianti nog steeds aan kop qua productievolume, samen met de Sangiovese di Romagna en de Soave uit Veneto.

In de jaren '70 vond er in Toscana een zogeheten 'moderne renaissance' op wijngebied plaats. Een drastische verlaging van de productie en het gebruik van moderne technieken in de wijngaard en de kelders leidde uiteindelijk tot zes DOCG-classificaties en 33 DOC's die samen 45% van de totale wijngaardoppervlakte (63.500 hectare) bepalen. Voorts telt de regio nog vijf IGT's . Naast de Chianti Classico hebben de volgende wijnen een DOCG-classificatie ontvangen: Brunello di Montalcino (1980), Vino Nobile di Montepulciano (1981), Chianti (1984), Carmignano (1991) en de Vernaccia di San Gimignano (1993).

Dat er twee verschillende DOCG's zijn toegekend aan de Chianti heeft alles met het productiegebied te maken. De term 'Classico' staat namelijk voor het meest oorspronkelijke gedeelte van het productiegebied, het hart van de productiezone als het ware. Aangezien er voor de productie van Chianti uit het 'Classico'-gebied iets striktere regels gelden dan voor 'gewone' Chianti, kreeg de Chianti Classico in 1996 een eigen DOCG. Het productiegebied van de Chianti Classico ligt uitsluitend in de provincies van Florence en Siena, terwijl het productiegebied van de 'gewone' Chianti zeven subzones beslaat, die alle met naam op het etiket genoemd mogen worden: Colli Aretini, Colli Senesi, Colli Fiorentini, Colline Pisane, Montalbano, Montespertoli en Rufina. Deze subzones liggen verdeeld over zes van de tien Toscaanse provincies.

Wat de Chianti met andere traditionele rode wijnen van de regio gemeen heeft is de druivensoort, de Sangiovese. Een Chianti, Classico of niet, moet tenminste 75% Sangiovese bevatten, eventueel aangevuld met Canaiolo nero en/of Trebbiano Toscano. 'Superiore' mag er op het etiket gezet worden wanneer de wijn ten minste 12% alcohol bevat. De term 'Riserva' is daarentegen voor die wijnen gereserveerd die ten minste twee jaar houtrijping hebben gehad. In het verleden was de Chianti meestal een blend van bovengenoemde druivensoorten. Maar de laatste jaren ligt de nadruk steeds meer op de productie van Chianti uitsluitend afkomstig van de Sangiovese. Deze pure Sangiovese-wijnen zijn doorgaans, mits van een goed oogstjaar, rijk van structuur en smaak. Sommige zijn vrijwel meteen op dronk, andere hebben enkele jaren flesrijping nodig om tot een ronde en zachte wijn te komen met een uniek rijk en fruitig bouquet. De lichtere versies van de Chianti zijn goede begeleiders van eenvoudige, lichte gerechten en pizza, maar de rijpere en modernere Chianti is een goede begeleider van gebakken en gegrild rood vlees, diverse pastagerechten en gerijpte harde kazen.

De meest prestigieuze wijn van Toscana is echter de Brunello di Montalcino. Deze DOCG-wijn is afkomstig uit het gebied rond Montalcino, ten zuiden van Siena. Het was de familie Biondi-Santi die meer dan een eeuw geleden met een kloon van de Sangiovese, de Brunello, furore maakte. De wijn verkreeg al in 1980 een DOCG-classificatie, als absolute eerste in Italië. Een Brunello heeft een intense robijnrode kleur, die naar granaatrood neigt bij veroudering, een zeer verfijnde neus, een warme, robuuste en complexe smaak. De afdronk is lang en intens. De wijn mag pas na zes jaar rijping, waarvan ten minste twee jaar op houten vat, in de handel gebracht worden en is bij uitstek geschikt voor wildgerechten en stoofpotten. De Rosso di Montalcino DOC is feitelijk het jongere en minder knappe broertje van de Brunello di Montalcino. In goede jaren worden de beste druiven voor de Brunello geselecteerd, de overige worden gebruikt voor het maken van de Rosso. In minder goede jaren kan het dus zo zijn dat er alleen Rosso di Montalcino geproduceerd wordt. Vanwege de zeer hoge eisen voor de Brunello kunnen we er desalniettemin vanuit gaan dat een Rosso ook een goede wijn kan opleveren, bovendien tegen een lagere prijs.

De Vino Nobile di Montepulciano, eveneens DOCG, is afkomstig uit de heuvels rond het gelijknamige stadje. Een droge, krachtige, volle en uitgebalanceerde wijn, goed bij diverse vleesgerechten en wild. Voor de Rosso di Montepulciano geldt hetzelfde als voor de Rosso di Montalcino.

In de provincie van Prato, niet ver van Florence, wordt de Carmignano DOCG gemaakt. Een zeldzame rode wijn van hoofdzakelijk de Sangiovese (minimaal 50%), aangevuld met Canaiolo nero en/of Cabernet Sauvignon. Wederom een volle rode wijn, met een intens fruitig bouquet en een droge, fluweelzachte smaak. De Barco Reale van Carmignano is eveneens een mooie rode wijn, zij het 'slechts' met een DOC-classificatie.

De laatste DOCG betreft een witte wijn: de Vernaccia di San Gimignano. Deze droge, bleekgele wijn verkreeg als eerste wijn in heel Italië al in 1966 de status van DOC, de G volgde pas 27 jaar later. Sinds de DOC-toekenning gaat het de Vernaccia di San Gimignano voor de wind. De productie werd aanzienlijk verhoogd om tegemoet te kunnen komen aan de vraag in binnen- en buitenland. Dat er voor deze wijn vandaag de dag nog steeds flinke prijzen worden betaald ligt niet in het bijzonder aan de druivensoort de Vernaccia, die betere wijnen dan z'n buurtgenoten zou voortbrengen, maar eerder aan de gevoerde marketing. Uiteraard speelt het pittoreske dorpje San Gimignano met z'n middeleeuwse 'wolkenkrabbers' hierbij een belangrijke rol. Hoewel er tegenwoordig weer een aantal producenten zijn die werkelijk mooie wijnen van de Vernaccia maken, vaart het overgrote deel nog mee op de golven van het succes. Hoe dan ook, Michelangelo was er in ieder geval dol op. Hij schreef over de Vernaccia als een wijn die 'kust, likt, bijt, slaat en prikt'.

Naast de traditionele DOCG en DOC-classificaties is Toscana inmiddels ook bekend geworden met haar zogeheten 'Super Toscanan'. Wijnen van zeer ambitieuze producenten die zich in de in de jaren zeventig niet veel gelegen lieten liggen aan de regels van de toenmalige wijnwetgeving. Zij maakten wijnen volgens eigen inzicht en verworven daar al snel faam mee in binnen- en buitenland. De Sassicaia en de Tignanello zijn hier duidelijke voorbeelden van. Gemaakt van internationale druivenrassen waarbij de Cabernet Sauvignon de boventoon voert, al dan niet aangevuld met de Sangiovese, gingen deze wijnen de wereld rond als voorbeeld van de moderne Italiaanse wijncultuur. Al snel volgden anderen producenten dit voorbeeld. Het probleem was echter dat de wijnen in het geheel niet volgens de toen geldende regels gemaakt werden en daardoor noodgedwongen als tafelwijn (Vini da Tavola) ge(de-)classificeerd moesten worden. De producenten zaten er niet mee. De hoge prijzen die er voor de wijnen werd gevraagd waren slechts betaalbaar voor een select publiek van wijnliefhebbers, dat inmiddels toch al was bereikt.

Onder de DOC-classificatie vinden we een aantal zeer mooie wijnen. We noemen er enkele. Onder de Pomino DOC valt een rode wijn van de Cabernet, de Merlot en de Sangiovese, geschikt bij varkenslever, biefstuk, venkel en diverse salami's, en een delicate, sappige witte wijn van de Pinot en de Chardonnay. Uitstekend bij diverse frisse salades en schaal- en schelpdieren. Rode wijnen die momenteel, in navolging van het succes van de Super Toscanan, aan een opmars begonnen zijn, zijn de wijnen die vallen onder de DOC's van Morellino di Scansano, Val di Cornia, Montecucco, Monteregio di Massa Marittima, Montescudaio, Capalbio en Sovana.

De trots van een aantal Toscaanse wijnmakers vormt ongetwijfeld de rijke, zoete Vin Santo. Van oorsprong een wijn bestemd voor in de mis, maar vanwege z'n populariteit uitgegroeid tot een waar fenomeen, bekend in binnen- en buitenland. De wijn wordt voornamelijk als witte versie op de markt gebracht, van de ingedroogde druiven van de Trebbiano en/of Malvasia. De zeldzame rode versie wort gemaakt van de Sangiovese. De witte Vin Santo is een goudgeel tot amberkleurige wijn met een intens bouquet, een krachtige, rijke en complexe smaak met tonen van veel rijp fruit. Het alcoholgehalte ligt rond de 17%. Traditioneel wordt hij gedronken bij de Toscaanse Cantuccini, harde amandelkoekjes, die de Toscanan in de wijn dopen, maar de wijn is ook zeer geschikt als begeleider van diverse vruchtentaarten.

Met dank aan Rudy Gielen